Portugal, DOURO tourtocht

Een tocht die je zeker gedaan moet hebben!
Als enige afgevaardigde van MWC, was ik met 12 Nederlanders (van Nautulus, de Hunze en De Hoop) deelnemer aan de Dourotocht, in totaal 50 roeiers. Van oorsprong een FISA tocht uit de jaren ’90, maar zo populair destijds, dat de roeiclub van Lissabon deze tocht nog steeds 1x per 2 jaar organiseert. Een half jaar van te voren is deze al volgeboekt trouwens!
De rest van het gezelschap bestond uit Australiërs, Fransen, Zwitsers, een Duits stel, een Japanner, een handvol Portugezen (inclusief de 2 organisatoren) en een Noorse. De leeftijd varieerde tussen begin 30 tot 72 jaar.
Na ons verzameld te hebben bij het station in Oporto, en een geweldige treintocht langs de Douro van zo’n 4 uur en nog een boottocht erachter aan van 2 uur kwamen we aan bij de Spaanse westgrens. Daar lagen 10 C4-ren klaar. Vandaar uit zijn we de volgende dag vertrokken en hebben dagelijks gemiddeld 30-35 km geroeid. De eerste dag was 48 km, de zwaarste dag, maar bleek toch goed te doen met wat stuurbeurten.


Bagage werd vervoerd per auto van hotel naar hotel; je was overdag alleen maar verantwoordelijk voor je eigen waterfles, petje, evt. matje, zonnebril, en zonnebrandsmeersel. Per dag werd een andere teamsamenstelling gemaakt door de organisatie.
Over de weg reed een vrachtauto met bananen en waterflessen mee voor noodgevallen, verder waren er de hele tocht een volgmotorboot en een opblaasbare rubberboot bij. In de rubberboot zat de dokter, die voor ieder blaartje en krasje met zijn grote EHBO-kist ons ter hulp kwam, ook op het water! Iedere avond was er blarenspreekuur. Dat was meestal aanschuiven geblazen. De dokter werd steeds populairder naarmate de tocht vorderde.
Iedere dag roeiden we tussen de groene heuvels en wijngaarden in de Portostreek, een zeer verlaten en ongerept gebied, nauwelijks gestoord door sluizen (slechts 5), stroming of toeristen. Ongeveer 1 of 2x per dag maximaal kwamen we een boot tegen (meestal een toeristenboot à la Stiphout). Een van de hoogtepunten waren de lunches: picknicks meestal door de locale bevolking verzorgd met pasta, salades, kaas, meloenen en natuurlijk de nodige rode wijn.
Ter ontnuchtering nog een duik in het zeer schone (!) Dourowater dat met 35 graden buiten een verkwikking was, daarna opdrogen en weer de boten in.
Ondertussen leerden we elkaar in de boot de commando’s in het Engels, Frans, Japans en Duits, gepaardgaande met de nodige hilariteit, maar echt veel heb ik er niet van opgestoken; uiteindelijk werd door iedereen maar ‘red’ en ‘green’ gebruikt (de riemen waren - zeer goed voorzien door de organisatie - goed gemarkeerd met deze kleuren). Het enige wat mij bij is gebleven van de ‘commando-les’ is een Japans kinderliedje.

's Avonds logeerden we in eenvoudige hotels (te voet of met een bus of treintje bereikbaar), meestal in 2-persoonskamers en eenmaal in een oud klooster uit de 11e eeuw, gelegen op een heuvel, een zeer bijzondere locatie! De middeleeuwen kwamen weer tot leven daar, langs de maliënkolders en zwaarden lopend.
De boten en riemen konden steeds gewoon s’avonds achtergelaten worden op de oever. De volgende dag namen we de riemen weer op. In 3 dorpjes waar we overnachtten, stonden zelfs presentjes voor ons klaar (cakejes van de plaatselijke bakker of een fles wijn uit de regio) van de burgemeester of gemeentebestuur om ons te verwelkomen; 2x werd ons zelfs een diner aangeboden (1x met live accordeonmuziek) door een burgemeester, mede om deze regio te promoten bij buitenlanders; deze gestes verhoogden de sfeer in de groep uiteraard nog eens extra!
Een van de andere avonden zijn we naar een Porthuis van Sandeman geweest bij Pinhao, om port te proeven, fantastisch gelegen op een heuvel, met een fraai uitzicht over de Dourovallei, tussen de wijngaarden.

De aankomst in Oporto op de 6e dag heb ik, en iedereen trouwens, als een heel bijzonder moment ervaren: er stonden nogal wat mensen langs te kant te klappen, fluiten en te zwaaien toen we in zicht kwamen - we kwamen in een processie van 10 boten achter mekaar de stad in geroeid - en waren allemaal wel een beetje high van de kick, toen we onder de twee speciale bruggen van Gustav Eiffel door roeiden. Ik bofte want ik was op het laatste traject stuurvrouw en had af en toe mijn handen vrij om foto’s te maken van de kades en de bruggen.
Na een lange fotosessie op de kade, op het vlot en voor het clubgebouw van de roeiclub van Oporto met alle roeiers en na een opfrisronde in het hotel, hebben we de tocht op zaterdagavond met een geweldige afscheidsavond en –diner afgesloten. Ieder land had wat voorbereid om de hele equipe (chauffeurs, organisators, dokter en mannetjes van de dag) te bedanken, waar de fados’, Schubert-liederen, Hollandse molens (“daar bij die molen”), Australische anekdotes een kroon op het geheel zetten.
Het was in een woord: fantastisch!

Tip: kijk eens in het speciale januarinummer van het tijdschrift Roeien, daar staan de meeste internationale tourtochten ook in vermeld, ook deze tocht.